
Soms blijf je iets je hele carrière meedragen. Ik denk nog vaak terug aan een training die ik ooit volgde. De trainster liet zien dat ik altijd twee keuzes heb: verbinden of vechten. Ze vouwde haar handen in elkaar — verbinden. Daarna sloeg ze haar vuisten tegen elkaar — vechten.
Sindsdien besef ik: ik heb die keuze elke dag. Brengt mijn reactie me dichter bij mijn doel, of juist verder ervan weg?
Als bewindvoerder kom ik geregeld frustratie tegen bij mijn cliënten. Zeker in deze tijd van vakantiegeld. Soms klapt iemand dicht, soms komt er boosheid. Een boze reactie, even ‘boxen’, is vaak een automatische reflex van een cliënt. Maar ik kies er bewust voor om daar niet in mee te gaan. Ik blijf altijd staan in mijn verbindende rol – ook als het spannend wordt. En hoe vaker ik dat doe, hoe beter het me lukt.
Juist daarin zit voor mij de kracht van goed beschermingsbewind: blijven staan in de verbindende rol.
En als iemand later terugkomt op zijn uitbarsting, zich misschien wat schaamt of het goed wil maken, dan zie ik dat niet als zwakte, maar als een teken van groei. Mijn cliënten slingeren soms, maar juist dat laat zien dat ze onderweg zijn. En dat is precies waar het voor mij om draait.